woensdag 1 september 2021

JOB: projectmedewerker FRIABLE (Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België)

De Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België 
werven een Wetenschappelijk Assistent aan
(op contractuele basis) in de context 
van het Brain 2.0-project FRIABLE
Deadline voor kandidaturen: 15 september 2021

FRIABLE. Valorisation and Preservation of friable medium on paper. Case Study on the collection of the Royal Museums of Fine Arts of Belgium (RMFAB) is een vierjarig netwerkproject van het programma BRAIN-be 2.0 (Federaal Wetenschapsbeleid – Belspo). Het project heeft tot doel de kwetsbaarheid te bestuderen van moderne werken op papier gemaakt met poedervormige materialen (pastel, houtskool en krijt), een protocol uit te werken om de instandhouding ervan te garanderen en professionals op te leiden voor een betere preventieve conservering van dit soort werken. Het project steunt op een holistische benadering, waarbij kennis uit de (technische) kunstgeschiedenis, conservering en ingenieurswezen worden samengebracht voor een beter begrip van de toestand van een nationale collectie en een efficiënter riskmanagement. Het uitgangspunt van het project is tweeledig: 1) in het algemeen, de uitdagingen van preventieve conservering in verband met de kwetsbaarheid van poedervormige materialen die bij het creëren van kunstwerken worden gebruikt, en 2) meer specifiek, de dagelijkse uitdagingen bij het beheer en de conservering van het grote aantal van zulke kunstwerken uit de collectie moderne kunst op papier van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België – KMSKB (tekeningen, pastellen, aquarellen, etsen, foto’s gemaakt sinds ongeveer 1800). De KMSKB treden op als coördinator. De Katholieke Universiteit Leuven, het Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium, de Ecole nationale supérieure des arts visuels (La Cambre) en het Rijksmuseum Amsterdam zijn onze partners. In het kader van het project FRIABLE werft de KU Leuven ook een doctoraatsstudent(e) aan. Het project wordt opgevolgd door een wetenschappelijk comité van internationale deskundigen.

Als lid van de wetenschappelijke staf van de KMSKB zal u met name worden betrokken bij de uitvoering van de Workpackages 3. Corpus selection and Cataloguing, 6. Establishment of a methodology for Risk Assessment of Collections of Modern Friable Media, 7. Scientific and public output/ outreach en 8. Valorisation, dissemination, exploitation of results van het FRIABLE-project. In het kader van uw rol van wetenschappelijk medewerker/medewerkster bent u ook medeverantwoordelijk voor de projectrapporten aan de POD Wetenschapsbeleid en werkt u nauw samen met de andere projectteamleden. 

De voorgestelde functie is bedoeld ter versterking van het team met betrekking tot de studie en documentatie van de werken in het corpus, de totstandbrenging van verschillende instrumenten, de verspreiding van kennis en onderzoeksresultaten alsook de algemene organisatie van het project.

De belangrijkste taken zijn:

• De (technische) beschrijving, studie en documentatie van de werken op papier en van hun geschiedenis wat betreft de algemene corpus van het onderzoeksproject

• De digitale registratie van de onderzoeksgegevens (beheer databank collectie/project)

• Synthetiseren van de gegevens en onderzoeksresultaten en deelnemen aan het opstellen van wetenschappelijke en vulgariserende teksten

• Hulp bij de voorbereiding van de verschillende workpackages

• Hulp bij het opstellen van conditierapporten

• Hulp bij het samenstellen van synthese-instrumenten betreffende schade en risico’s, terminologie, ...

• Actieve deelname aan de communicatie over het project in elke gewenste vorm (colloquium, verslagen, notulen van vergaderingen, publicatie van informatieve teksten, focustentoonstelling, website …)

Voor meer informatie: zie gedetailleerde vacature op de website van de KMSKB

Deadline voor kandidaturen: 15 september 2021


woensdag 28 april 2021

EXH: Online tentoonstellingen Franse en andere Europese musea

Online tentoonstellingen Franse en andere Europese musea

Initiatieven van verschillende musea
Online





België heeft zijn grenzen geopend. Voor een tentoonstellingsbezoek in Frankrijk moeten we echter nog even geduld uitoefenen. In afwachting van een heropening van de Franse musea voorzien halverwege mei, hierbij alvast twee tentoonstellingen die online te bezoeken zijn:

- Les Sculpteurs du travail (Musée Camille Claudel, Nogent-sur-Seine, wordt verlengd tot einde van de zomer 2021): Musee Camille Claude en visite virtuelle 360° (visite-virtuelle360.fr)

Un duel romantique, Le Giaour de Lord Byron par Delacroix (Musée national Eugène Delaxroix, Parijs, 16 december 2020 - 23 augustus 2021): Présentation de l'exposition "Un duel romantique, Le Giaour de Lord Byron par Delacroix " - Musée Delacroix (musee-delacroix.fr)


Ook enkele exposities die amper of helemaal niet toegankelijk waren voor (fysieke) bezoekers, leven online verder:

- Léon Spilliaert (1881-1946). Lumière et solitude (Musée d'Orsay, Parijs, 13 oktober 2020 - 10 januari 2021): Musée d'Orsay: Léon Spilliaert (1881-1946). Lumière et solitude (musee-orsay.fr)

- Aubrey Beardsley (1872-1898) (Musée d'Orsay, Parijs, 13 oktober 2020 - 10 januari 2021): Musée d'Orsay: Aubrey Beardsley (1872-1898) (musee-orsay.fr)

- François Auguste Biard. Peintre voyageur (Musée Victor Hugo, Parijs, 5 november 2020 - 11 april 2021): Visite en ligne - Exposition François -Auguste Biard] (betalend, digitaal ticket: 5 euro)


Verder ook nog digitaal te bezoeken:

Dekadenz und dunkle Träume. Der belgische Symbolismus (Alte Nationalgalerie, Berlijn, 18 september 2020 - 17 januari 2021): Alte Nationalgalerie - Dekadenz und dunkle Träume. Der belgische Symbolismus (smb.museum)

Canova | Thorvaldsen. La nascita della scultura moderna (Gallerie d'Italia, Milaan, 25 oktober 2019 - 28 juni 2020): Virtual tour Canova Thorvaldsen_IT (gallerieditalia.com)



maandag 1 maart 2021

CFP: Veerkracht! Wegen uit de crisis, 1780-1940

CFP: Veerkracht! Wegen uit de crisis, 1780-1940
Congres Werkgroep De Moderne Tijd
Amsterdam, vrijdag 3 december 2021
Deadline papervoorstellen: 15 mei 2021
Keynote-spreker: Prof. dr. Beatrice de Graaf


Anton Muttenthaler, Hans Welgemoed (Amsterdam, Rijksmuseum)

De coronapandemie heeft ons lange tijd in de greep gehouden, maar langzaam lijkt er zicht op verbetering en misschien zelfs een einde van de crisis. Het ‘nieuwe normaal’ heeft een groot beroep gedaan op onze mentale en fysieke veerkracht. Veerkracht omvat het vermogen om terug te buigen, te weerstaan en te herstellen en kan zowel op het individuele als collectieve niveau betrekking hebben: niet alleen een persoon, maar ook een samenleving kan veerkrachtig zijn. Het begrip is niet nieuw, maar circuleerde al in de negentiende eeuw. Tijdens de choleracrisis van 1832 was het zelfs trending topic: de kranten stonden bol van de oproepen om veerkracht te tonen. Men kon zelfs poeder kopen dat de veerkracht zou verhogen.

Veerkracht is al decennialang een sleutelbegrip binnen academische kringen (resilience), en wordt vanuit meerdere disciplines bestudeerd: de economie, de culturele studies, de sociale wetenschappen, de politicologie enzovoort. Ook in de geschiedwetenschap staat het thema de laatste tijd volop in de belangstelling. Of het nu gaat om de omgang met rampspoed, het standhouden van politieke instituties in revolutietijd of het aanpakken van economische crises in het verleden: verschillende grote onderzoeksprojecten hebben recent aandacht besteed aan het onderwerp veerkracht.

Met dit congres onderzoeken we hoe veerkracht tot uiting kwam in Nederland en Vlaanderen in de periode 1780-1940 vanuit een multidisciplinair perspectief. We kijken daarbij zowel naar collectieve als individuele veerkracht. Welke routes bewandelden overheden om uit een crisis te geraken? Welk herstellend vermogen lieten godsdienstige, politieke en culturele gemeenschappen zien na ontwrichtende gebeurtenissen? En op het individuele niveau: hoe toonden burgers veerkracht? Hoe gaven dichters, musici en schilders uiting aan mentale weerbaarheid? Waar putten ze hoop en inspiratie uit en hoe visualiseerden zij de nieuwe toekomst, na de crisis?

Door meerdere subthema’s centraal te stellen, willen we de aandacht vestigen op de verschillende exit-strategieën die gebruikt werden om crises in het verleden te overwinnen. Daarbij houden we oog voor de complexiteit van een begrip als veerkracht. Wat is bijvoorbeeld de relatie met kwetsbaarheid? Op het eerste gezicht lijken beide begrippen twee kanten van dezelfde medaille te zijn. Maar veronderstelt veerkracht altijd een voorafgaande periode van neergang en tegenslag?

Subthema’s die in de bijdragen mogelijk aan bod kunnen komen zijn:
- De verbeelding en uiting van veerkracht (literatuur, muziek, schilderkunst)
- De persoonlijke uitweg uit crises (veerkracht in egodocumenten)
- Economische veerkracht (omgang met economische neergang en verval)
- Veerkracht en religie (nieuwe geloofsbewegingen, Réveil, religie als troost/inspiratie)
- Veerkracht en politiek (omgang met revolutie/machtsverlies, institutionele veerkracht)
- Veerkracht en ziekte (fysieke weerstand, bestrijding epidemieën)
- Veerkracht en wetenschappelijke kennis (vooruitgangsdenken, techniek)
- Beleid, bestuur en recht rondom rampen (crisismanagement, rampenbestrijding)
- Veerkracht en sociabiliteit (onderwijs, heropvoeding, maakbaarheidsidealen)

Papervoorstellen over deze en andere binnen het congresthema passende onderwerpen zijn welkom. Belangstellenden kunnen een voorstel van max. 300 woorden en een (beknopte) biografische beschrijving indienen vóór 15 mei 2021. Zo snel mogelijk daarna wordt uitsluitsel gegeven over de selectie. Abstracts kunnen worden gezonden aan Lotte Jensen (l.jensen@let.ru.nl), die ook informatie kan geven over het congres.

dinsdag 12 januari 2021

CFP: Grond van Verbeelding: Bodem en Streek in de Lage Landen (De Moderne Tijd)

CFP: Grond van Verbeelding: Bodem en Streek in de Lage Landen
Themanummer De Moderne Tijd
Artikel deadline: 1 mei 2021
CFP deadline: 25 januari 2021


Vincent van Gogh, Nettenboetsters in de duinen, 1882. Privécollectie.

In de negentiende eeuw was er een toenemende belangstelling voor regionale cultuur en, zowel in literatuur als beeldende kunst, voor het verbeelden van couleur locale. Het platteland vormde een belangrijke voedingsbodem voor verschillende kunstvormen, van schilderkunst tot literatuur en architectuur. Regionale kunstvormen, met name de regionale literatuur, werden in latere jaren echter geassocieerd met de nazistische ‘Blut und Boden’-ideologie, waarin een relatie wordt gelegd tussen ras en geboortegrond. De zogenaamde Heimatkunst, waarin de verhoudingen tussen mens en omgeving vaak centraal staan, heeft hier vanzelfsprekend een slechte reputatie aan overgehouden. Er is echter ook ruimte van een positieve interpretatie van deze relatie, waarin de nadruk wordt gelegd op de verbintenis met de bodem als ervaring in plaats van als ideologie. Ook vandaag de dag is er nog aandacht voor (gebrek aan) verbintenis met de grond en wordt er gepleit voor groene steden en kringlooplandbouw: bodem blijft van politiek, cultureel en economisch belang. Wat maakte de relatie met de (eigen) bodem voor mensen en gemeenschappen van ca. 1780-1940 betekenisvol?

De verwantschap tussen mens en grond fungeerde in de regionale kunst lang niet altijd als ideologie, maar vormde wel regelmatig onderdeel van de beleving en verbeelding van de streek. Dit themanummer onderzoekt de interesse in couleur locale vanuit een materieel perspectief en legt de nadruk hierbij letterlijk op de representatie van ‘bodems’ in de Lage Landen, eventueel in comparatief perspectief. Welke rol speelt (het idee van) de bodem in de culturele verbeelding van ca. 1780-1940?Wat bepaalt de verhouding tussen mensen of gemeenschappen en de (lokale) grond? (Hoe) verschilt deze verhouding tussen stad en platteland? Wordt regionale grond gezien als maakbaar, bijvoorbeeld door droogleggen? Wat is de relatie tussen regionaal en nationaal belang bij bodem, bijvoorbeeld wanneer regionale grond wordt ingezet als nationaal product voor het bouwen van huizen, het bedekken van daken en de aanleg van wegen? En in hoeverre bepalen bodems en grondsoorten, van moeras tot veenlandschappen en van zand en duingebieden tot rietvelden en rivierklei, de verbeelding en beleving van stad en streek?

Voor dit themanummer van De Moderne Tijd is men op zoek naar artikelen vanuit verschillende disciplines waarin de (beleving van) bodem en centraal staat.

Enkele voorbeelden van mogelijke onderwerpen zijn:
• Verbeeldingen van bodem in beeldende kunst en illustratie
• Perspectieven op bodem in wetenschap en politiek
• Geluid van eigen bodem in (streek)muziek
• Belevingen van (vreemde) grond in reisverhalen
• Perspectieven op bodembescherming
• Maakbaarheid van bodem
• Verbanden tussen grondsoorten en regionale identiteit
• Bodem en folklore
• Regionale grond en nationaal belang
• Literaire verbeeldingen van lokale grond
• Grondsoorten en regionale architectuur
• Verbanden tussen grond en klederdracht
• Bodemsoorten en economische ontwikkeling
• Grondsoorten over nationale grenzen heen
• Bodem en water
• Bodemsoorten en cartografie

Abstracts van max. 300 woorden kunnen tot 25 januari 2021 worden ingestuurd naar a.scholten@let.ru.nl. Indieners krijgen hierna zo snel mogelijk bericht over de selectie. Van de 
geselecteerde voorstellen worden de volledige artikelen van 4000 woorden verwacht tegen 
1 mei 2021. De artikelen worden aan redactionele en externe peer review onderworpen.

maandag 23 november 2020

CONF: The Afterlife of Medieval Sculpture. 7th Annual Ards Conference (online webinar)

The Afterlife of Medieval Sculpture.
Ards 7th annual colloquium on Current Research in medieval and renaissance sculpture 
Online webinar
3, 4 and 10 December 2020

Image: The decorated ceiling and hanging rood in the Metropolitan Cathedral & Basilica of Saint Chad, Birmingham, by A.W.N. Pugin (detail)

The 7th ARDS annual colloquium, which celebrates new research in the field of renaissance and medieval sculpture will focus on the theme of the Afterlife of medieval sculpture. The Ards conference in 2017 in Paris already touched upon the theme of the Collecting of Medieval sculpture and at Ards 2018 in Utrecht, Michael Rief provided the participants with a very interesting keynote on the repurposing of (amongst others) some Mechelen Christ child statues. This year the organisation wants to explore the theme of the ‘nachleben’ (afterlife) of medieval sculpture in more depth. The idea of ‘nachleben’ is to be understood in a broader sense than the pure Warburgian interpretation. Not only the ‘nachleben’ of the image, but also that of the object is of interest for the study of sculpture.

How were medieval and late-gothic sculptures used, understood, copied, altered, re-used, recycled, repurposed and treated (or mistreated) in the centuries after the moment of their production? From the medieval period until the present, Gothic art has undergone shifts in taste and appreciation. Nowadays prices for medieval art are soaring at auctions but in the 17th and 18th centuries many churches and cloisters were refurbished in the style of the period and medieval art and furniture had to make room. And e.g. in the 1790’s many churches were stripped of their medieval furniture (if extant) and they were sometimes sold by the pound if not thrown away or burnt. Even in the fifteenth century, some sculptures made in the earlier Middle Ages were restored, remade, cleaned and polished, whereas others were neglected.

The conference committee consists of dr. Jessica Barker (The Courtauld Institute of Art), dr. Peter Carpreau (M Leuven/Ards), dra. Marjan Debaene (M Leuven/Ards), drs. Lloyd De Beer (The British Museum) and dra. Michaela Zöschg (Victoria and Albert Museum).

A record number of proposals allowed the organisation to select a fascinating and diverse program in 4 large thematic sessions, with 25 speakers, over 3 conference days via Teams, due to COVID-19 restrictions.

The full program is online.

Registrations for the webinar are now open.